ilm Madrasah

Niveau 1Lesje: De khabarstap 1 van 8

Wat is de khabar? Zo wordt de zin af

De khabar (الخَبَرُ, “de mededeling”) is het tweede deel van de naamwoordelijke zin, de jumla ismiyya. De mubtadaʾ ken je al. Dat is het startpunt: waar je iets over gaat zeggen. De khabar is wat je erover zegt. Je kent hem toe aan de mubtadaʾ (musnad) en zo maak je de zin af. Samen vormen ze een volledige, zinvolle mededeling: de fāʾida tāmma. Zonder khabar is de zin niet af. Hoor je alleen التُّفَّاحَةُ (“de appel …”), dan wacht je op de rest. Pas bij التُّفَّاحَةُ حُلْوَةٌ (“de appel is zoet”) is de zin af.

an-Naḥw al-Wāḍiḥ laat je dit zelf voelen. Leg je vinger op het tweede woord van elke zin. Lees dan alleen التُّفَّاحَةُ الصُّورَةُ الجَرْيُ …. Je blijft in verwarring achter (نَتَحَيَّرُ). Wat is er met die appel? Haal je vinger weg en de zin is ineens compleet: de fāʾida tāmma. De drie volledige zinnen hieronder laten dat zien:

التُّفَّاحَةُ حُلْوَةٌ، الصُّورَةُ جَمِيلَةٌ، الجَرْيُ مُفِيدٌ

de drie zinnen uit an-Naḥw al-Wāḍiḥ, nu compleet: de fāʾida tāmma

an-Naḥw al-Wāḍiḥ (ibtidāʾiyya) dl. 1, المبتدأ والخبر, p. 35–36 · al-Taṭbīq al-Iʿrābī, الخبر, p. 194 · Sharḥ Ibn ʿUthaymīn ʿalā al-Ājurrūmiyya, المبتدأ والخبر, p. 247–248